De Pauselijke Zouaaf van Hekelgem

Op 16 juli 1831 verliet de Cruisader, het Britse koninklijke jacht, de haven van Dover. Aan boord: Leopold von Saxen Coburg Gotha, de Duitse weduwnaar van de Britse kroonprinses. Die was op weg naar het nieuwe land België om er koning te worden.

Volgens de legende werd hij voor de kust afgezet en door vissers aan land gedragen in De Panne, maar dat is niet meer dan een verzinsel van de propaganda uit die tijd. In realiteit kwam hij later die dag gewoon aan in de haven van Calais, waar hij ontvangen werd door de ambassadeur van het kersverse België in Frankrijk: generaal Belliard (ja, die van de straat in Brussel).

De 17e vertrok hij dan per koets via Duinkerke alover het strand – de kortste weg – richting België en omstreeks 11u stak hij de grens over en werd hij ontvangen in Adinkerke door een paar leden van het voorlopig bewind. Na een lunch in Veurne, reed het gezelschap door naar Oostende.

De 18e ging het verder langs Brugge tot in Gent. De 19e tenslotte, reed de stoet die intussen was aangezwollen tot een hondertal wagens, door naar Brussel.

Het was een stralende dag en ook in Hekelgem was er een halte voorzien. Op de provinciegrens zou Léopold even pauzeren voor een ontmoeting met de provinciegouverneur van Brabant én met de burgemeester van Hekelgem, Jozef De Doncker.

Léopold had echter zo maar eventjes vijf uur vertraging en toen hij eindelijk aankwam in Hekelgem, zakte de burgemeester ineen, vlak voor de koning. Afgaande op de gazettenpraat, zou dat ten gevolge van de emotie geweest zijn, maar ’t is natuurlijk veel waarschijnlijker dat hij een beroerte heeft gekregen door een dikke vijf uur lang in de zomerzon te staan wachten op de vorst die maar niet afkwam. De burgemeester werd afgevoerd en zou zijn bed niet meer uitkomen – hij overleed kort nadien.

Léopold trok door naar Brussel en nam zijn intrek in Laken, in het kasteel van Schonenberg dat Napoleon Bonaparte nog had laten bouwen. Hij nam er wat rust, de dag nadien, en op 21 juli 1831 legde hij de eed af als eerste koning der Belgen. Een feit dat pas sinds 1890 jaarlijks herdacht werd met de nationale feestdag.

Hekelgems burgemeester De Doncker werd opgevolgd door burgemeester Benoit Clauwaert die meteen besloot dat het gemeentebestuur voortaan zou samenkomen in café “Het Bijl”. En dat café, dat was het oude huis naast de kerk van Hekelgem. Café “Het Bijl” bleef 40 jaar lang het gemeentehuis van Hekelgem, tot 1872. Toen was het nieuwe gebouw klaar dat we nu kennen als het oude Hekelgemse gemeentehuis, op de steenweg, en dat momenteel gerestaureerd wordt.

De geschiedenis van dit oudste Hekelgemse gemeentehuis blijft ook in de daaropvolgende jaren boeiend.

Rond 1872 nam ene Theofiel Meermans(°17/08/1848)  het café over van zijn ouders. Theofiel was een avonturier zoals we die nu niet meer kennen. Hij was een paar jaar voordien immers Pauselijk Zoeaaf geworden. Dat waren buitenlandse vrijwilligers die in Italië dienst namen in het leger dat de Pauselijke Staat ging verdedigen tegen de troepen van onder andere Garibaldi, die Italië wilden verenigen.

Op 4 februari 1869 was Theofiel afgezakt naar Brussel, naar het wervingsbureau. Hij tekende er voor een diensttijd van 2 jaar bij de Pauselijke troepen (n° 4034) en vertrok diezelfde dag al richting de Pauselijke Staat. Acht dagen later kwam hij na een reis via Parijs en Marseille in Rome aan.

Theofiel was nu een actieve Zouaaf (met stamnummer 8431) in het Pauselijke leger en diende als ordonnans van Adolf Looveldt, een officier bij de Zouaven.

De strijd van het Pauselijke leger was echter geen succes. Op 20 september 1870 viel Rome. Italië werd één staat, de Pauselijke Staat verschrompelde van een grootte van ongeveer 3 keer Vlaanderen tot de halve vierkante kilometer die we nu als Vaticaanstad kennen en de Zoeaven keerden terug naar huis.

Zo ook Theofiel die dan maar cafébaas van “Het Bijl” werd en de naam veranderde naar “In de Pauselijke Zoeaaf”.

Pauselijk Zouaaf in uniform – van Theofiel Meersmans bestaat een gelijkaardige foto maar die hebben we nog niet gevonden

In 1891 ontving hij nog een onderscheiding “Bene Merenti” van paus Leo XIII.

Bene Merenti

We weten dat er van Theofiel een foto is geweest in zijn Zouaven uniform, maar tot op heden hebben we die nog niet kunnen terugvinden. We blijven echter zoeken …

De laatste eigenaar van het oudste gemeentehuis van Hekelgem was de familie Carion, die het ongeveer 100 jaar in bezit had. Toen de laatste huurders er vertrokken, in 2010, werd het gebouw te koop aangeboden.

Het op ‘t eerste zicht eerder onopvallende gebouw had een voor zijn tijd knap versierde gevel met een soort gekleurd stukwerk. Het maakte overigens ook deel uit van het beschermde dorpszicht.

De Vlaamse overheid stond dus niet toe dat het vervangen wordt door iets in een andere stijl. Het gebouw werd aangekocht door de gemeente, die het vervolgens liet slopen.

Tegenwoordig herinnert op het kleine grasveld dat in de plaats kwam niets meer aan de rijke historiek van het pand dat er tot voor kort stond.

 

Bronnen:

Tim t’ Kint

Leo De Ryck

Karel De Cock

Wikipedia